Na een overlijden moeten de bezittingen en schulden van de overledene worden afgewikkeld. Meestal doen de erfgenamen dat zelf. Soms is het beter dat een vereffenaar het overneemt. Dat gebeurt alleen na benoeming door de rechtbank.

Wanneer kan een vereffenaar verstandig zijn?

In de praktijk komt de vraag vooral op als:

  • de schulden mogelijk hoger zijn dan de bezittingen;
  • de erfgenamen onbekend zijn of niet reageren;
  • de erfgenamen het onderling niet eens worden;
  • een erfgenaam minderjarig is of onder bewind staat, en de afwikkeling extra zorg vraagt.

Wanneer kan de rechtbank een vereffenaar benoemen?

Dat iets verstandig is, betekent nog niet dat de rechtbank een vereffenaar kan benoemen. De wet noemt de situaties waarin dat kan. Hebben de erfgenamen beneficiair aanvaard, dan kan een erfgenaam zelf om benoeming vragen (artikel 4:203 BW). Andere belanghebbenden, zoals een schuldeiser, kunnen dat in bepaalde situaties, bijvoorbeeld als de schulden de bezittingen lijken te overtreffen of als degene die beheert ernstig tekortschiet. Is er niet beneficiair aanvaard, dan biedt artikel 4:204 BW een route. De rechtbank toetst per verzoek of aan de voorwaarden is voldaan.

Wat levert het op?

De vereffenaar wikkelt de nalatenschap af volgens de wettelijke regels, legt verantwoording af en staat onder toezicht van de kantonrechter. Schuldeisers worden in de wettelijke volgorde betaald en de erfgenamen hoeven niet zelf met schuldeisers in discussie.

Wanneer is persoonlijk advies verstandig?

Twijfelt u of vereffening in uw situatie nodig of mogelijk is, of heeft u al handelingen met de nalatenschap verricht? Bespreek uw situatie dan voordat u verdere stappen zet.